Boeren, burgers, buitenlui en De Stijl

Plaatsen van ontmoeting en verandering

Utrecht was een belangrijke stad en als zodanig per definitie een plaats waar lieden van binnen én buiten elkaar voortdurend tegenkwamen. Dit gebeurde met name in openbare gebouwen, in kerken en kloosters, op markten en in herbergen, maar ook op de universiteit en in de garnizoenen van het leger. Veel van deze ontmoetingsplaatsen zijn nog aanwezig, zij het vaak in een andere functie. Op andere plaatsen is goed te zien hoe de grens tussen stad en platteland steeds weer verschoof, hoe nieuwe stedelijke gebieden en ‘nieuwe’ monumenten ontstonden.

Een mooi voorbeeld van een ontmoetingsplaats van weleer is de Buurkerk (waar nu Museum Speelklok gevestigd is), waar niet alleen gebedsdiensten werden gehouden, maar wat ook een openbare doorgangsroute was. In de kerk hangt nog een bord waarop staat dat boeren tijdens de kerkdienst niet met het vee door de kerk mochten lopen.
De verschuivende stad manifesteerde zich in Utrecht heel duidelijk toen de stadswallen overbodig werden, die daarop een functie kregen als stadspark. Het 16e-eeuwse bolwerk Zonneburg kreeg een functie als Sterrenwacht, en dat is daar op spectaculaire wijze allemaal nog te zien.

Rietveld: Het Nieuwe Bouwen en De Stijl

Die nieuwe stad bood ook mogelijkheden voor nieuwe artistieke stromingen. Zo kreeg Gerrit Rietveld in de nieuwe stad de ruimte om zijn ideeën over modern wonen te realiseren. Het bekendst is natuurlijk het Rietveld-Schröderhuis, een Stijl-icoon aan de toenmalige rand van de stad. Daar vlakbij staan nog twee blokken Rietveldwoningen en ook de ‘chauffeurswoning’ is in Utrecht Oost te vinden. De ideeën van Het Nieuwe Bouwen, een stroming waartoe Rietveld behoorde, zijn van grote invloed geweest op de naoorlogse woningbouw. In Hoograven ontwierp Rietveld zelf enkele woonblokken. In een daarvan is een modelwoning uit de jaren ’50 ingericht. De organisatie gaat haar best doen om enkele van deze Rietveldmonumenten opengesteld te krijgen.